Van de Wiele, Brugge
Jacobinessenstraat 5
8000 Brugge
Contact: Marc VAN DE WIELE
E-mail Website
Update: Friday, 26 November 2010

GEDRUKTE (2010A) PANNIER (2008A)

Gedrukte Stad. Drukken in en voor Mechelen 1581-1800. - Brugge/Mechelen: Van de Wiele, Brugge, 2010. - 129p. ISBN 978-90-76297-46-0
Table of Contents Publisher

    Bart Somers, Voorwoord (p. 8)
    Willy Van de Vijver, Inleiding: STCV en de Stedelijke Erfgoedbibliotheek (p. 10)
    Diederik Lanoye, "Daer hy wat van te seggen weet, daer syn myn letters toe gereet." Mechelse drukkers en Mechelse drukken tijdens het ancien régime (p. 14)
      De zestiende eeuw: een trage start (p. 16)
      Invoer van boeken voor een Mechels publiek (p. 18)
      De eerste Mechelse drukkers (p. 20)
      De zeventiende eeuw: de Jayes, de eerste Mechelse drukkersdynastie (p. 22)
      Stedelijke steun voor een Mechelse drukker (p. 22)
      De zonen Jaye en hun knecht/concurrent Gijsbrecht Lints (p. 23)
      De achttiende eeuw: drie generaties Vander Elst en de nieuwlichter Pierre Hanicq (p. 28)
        Een titelstrijd (p. 28)
        Vander Elst, een nieuwe Mechelse drukkersdynastie (p. 29)
        Pierre Joseph Hanicq, een drukker met ideeën (p. 31)
      Mechelse drukken in de Short Title Catalogus Vlaanderen, een betrouwbar corpus? (p. 33)
      De Mechelse boekproductie in cijfers (p. 34)
        De relatie tussen Mechels drukwerk en de stad Mechelen tijdens het ancien règime (p. 34)
        Hoeveel werd er in Mechelen gedrukt? (p. 36)
        Omvang en formaat van de Mechelse drukken (p. 37)
        Mechelse drukken, drukken voor Mechelen (p. 40)
        Gedrukte regels voor de Mechelaars (p. 41)
        Vrome werkjes voor de Mechelse gelovigen (p. 42)
        Feestenin Mechelen: drukken om aan te kondigen en te herinneren (p. 44)
        Drukken om te verkopen (p. 46)
        Nieuws en opinie (p. 47)
      Besluit (p. 51)
    Goran Proot, "Den zelven Boeckverkooper verkoopt alle soorten van Kerk-Boeken". Boekdistributie en boekconsumptie in Mechelen voor 1800 (p. 52)
      Het leven op papier (p. 54)
      Boekbinders in de zestiende eeuw (p. 56)
        Jan Tys (p. 56)
        Concurrentie (p. 58)
        Drukwerk op bestelling (p. 59)
      Drukkerijen en boekhandels in de zeventiende eeuw (p. 63)
      Nieuwe tendensen in de achttiende eeuw (p. 66)
        De opkomst van gedrukte veilingcatalogi (p. 66)
      Petrus Josephus Hanicq (p. 71)
        Eene excessive quantiteyt van fraeye ende curieuse boecken (p. 71)
        Boekenlijsten van de drukker (p. 76)
      Hanicqs netwerken (p. 78)
        Voor ieder wat wils (p. 78)
        Boekenlijsten van de boekverkoper en advertenties in kranten (p. 79)
        L'indicateur intéressant (p. 80)
      Sporen van Mechelse boekconsumptie (p. 81)
      Besluit (p. 84)
    Willy Van de Vijver, "Die letterschatten bleven verborgen voor de burgers". 250 jaar boeken verzamelen voor de stad. Van stadsbibliotheek tot erfgoedbibliotheek (1760-2010) (p. 86)
      Inleiding (p. 87)
      Drie institutionele bibliotheken voor 1794: de Grote Raad, het aartsbisdom en de stad (p. 89)
        De Bibliotheek van de Grote Raad (p. 89)
        De Bibliotheek van kardinaal d'Alsace (p. 91)
        De Stadsbibliotheek van Mechelen (p. 93)
      Een grondige herschikking van het bibliotheeklandschap in de Franse periode (1794-1815) (p. 96)
        Een georganiseerde boekenroof (p. 96)
        Een openbare boekzaele aan de IJzerenleen (p. 99)
      Evolutie van de stadsbibliotheek in de negentiende en twintigste eeuw (p. 102)
        Pleidooi voor een stadsbibliotheek (p. 102)
        Officiële heroprichting van de stadsbibliotheek (1844) (p. 104)
        Een nieuwe speler treedt aan: de volksbibliotheek (1865) (p. 108)
      Opbouw en ontsluiting van de stedelijke bibliotheekcollectie in de negentiende en twintigste eeuw (p. 109)
        Van bibliothecarissen en bibliofielen (1844-1949) (p. 109)
        Van stadsbibliotheek naar stedelijke erfgoedbibliotheek (1949-2010) (p. 114)
    Bibliografie (p. 120)
    Index (p. 124)
    Colofon (p. 128)
* * * * *

PANNIER, Robert A.C., Van gissen naar weten. De geneeskunde in Brugge in de 17e eeuw, de tijd van Thomas Montanus. - Brugge: Van de Wiele, Brugge, 2008. - 352p. ISBN 978-90-762-9738-5
Table of Contents Publisher

    Woord Vooraf (p. 5)
    Verantwoording (p. 10)
    Lijst Afkortingen (p. 11)
    1. Montanus, Brugarum et Franconatus medicus (p. 12)
        Zijn jeugd (p. 14)
        Arts in Sint Winoksbergen (p. 16)
        Arts in Brugge (p. 17)
        Profiel van zijn karakter (p. 24)
    2. Leven in Brugge in de eeuw van Montanus (p. 28)
        De contrareformatie (p. 30)
          De geestelijke weerslag (p. 31)
        De Ordonnantie van bisschop Triest (p. 31)
        De maatschappelijke impact (p. 34)
          Bisschop Triest en de geneeskunde (p. 36)
          Het onderwijs (p. 37)
          De censuur (p. 39)
          De ontspanning (p. 42)
    3. De medische infrastructuur in Brugge in de 17e eeuw (p. 44)
        De medische infrastructuur (p. 47)
        De medische bibliotheek in de "Ten Duinenabdij" (p. 48)
        Het Westen ontmoet het Oosten (p. 50)
        De vernieuwers (p. 54)
    4. De geneesheren in Brugge in de 17e eeuw (p. 56)
        Vestigingsbeperking (p. 58)
        Het geneesherenbestand in de 17e eeuw in Brugge (p. 59)
          Waar hadden de Brugse artsen gestudeerd? (p. 60)
          Op welke leeftijd behaalden zij hun academische graad? (p. 61)
          Hoe lang was hun loopbaan? (p. 61)
          Sociale status (p. 61)
        Het kennisniveau van de 17e eeuwse geneesheer (p. 62)
          De diagnose van de ziekte (p. 63)
        De medische dienstverlening (p. 65)
          De medicus als beoefenaar van een vrij beroep (p. 65)
          De geneesheer als beoefenaar ven administratieve functies (p. 65)
            De geneesheer-pensionaris van de stad (p. 65)
            De geneesheer pensionaris van 'Den Lande van den Vrije' (p. 67)
            Geneesheer van het St-Janshuys (p. 68)
            Hoe werden de geneesheren gehonoreerd? (p. 75)
        Levensverwachting van de bevolking (p. 79)
        De Medische Confraterniteit van Sint Lucas (p. 80)
          De Sint-Lucasbroederschap, de eerste Brugse medisch-wetenschappelijke vereniging (p. 85)
          De broederschap van Sint-Lucas, grondsteen van het 'Collegium medicum' (p. 86)
          Waren de Brugse geneesheren cultuurdragers? (p. 86)
        Het sociale leven van de artsen in Brugge (p. 88)
        De relatie geneesheer-apotheker (p. 91)
        De relatie geneesheer-vroedvrouw (p. 94)
    5. De chirurgie in Brugge in de 17e eeuw (p. 96)
      1. Chirurgie - Algemene Beschouwingen (p. 98)
          De chirurgie wordt meer en meer een lekenbezigheid (p. 99)
          De chirurgie: een gespleten beroep (p. 100)
            De specifieke titel 'chirurg' wordt in officiële documenten herhaaldelijk geciteerd (p. 101)
            De chirurgijns worden als zelfstandigen in de militie ingelijfd (p. 101)
            De bijkomende onkosten van de chirurgijns worden afzonderlijk vergoed (p. 103)
            Baardmakers en chirurgijns hadden niet hetzelfde zegel (p. 103)
            De autonomie van het beroep kan men afleiden uit de ambtelijke benoemingen die bepaalde chirurgijns kregen (p. 105)
            In het "Handbouck van Sint-Janshospitaal" wordt regelmatig de naam van de chirurg vermeld (p. 105)
            Het onderscheid tussen chirurgijns en barbiers komt duidelijk op de voorgrond in een oorkonde uit 1490 (p. 106)
            Archeologische opgravingen legitimeren het onderscheid chirurg-baardmaker (p. 106)
            Als beroepsgidsen zijn de Poortersboeken eersterangsgetuigen (p. 106)
            Jan Yperman (p. 108)
          De Baardmakers: geen chirurgijns ...en toch betrokken in de chirurgie (p. 110)
            De barbiers als chirurgijns (p. 110)
      2. Hoe de chirurgie groeide (p. 111)
          De keure van het ambacht van de baardmakers (p. 111)
            De organisatiestructuur van het ambacht (p. 113)
            De functie (p. 114)
              Hoe wordt men lid van het ambacht van de baardmakers? (p. 114)
              Het poorterschap (p. 115)
              De opleiding (p. 115)
              Toetsing van het kennisniveau (p. 116)
              De "eed' van de baardmakers en de chirurgiens (p. 117)
              De kandidaat wordt officieel baardmaker (p. 118)
              De ethiek (p. 119)
              De werkreglementering (p. 119)
              De almanakken in de Keure (p. 121)
              Het sociale leven (p. 121)
          De keure van de neringhe van de chirurgijns (p. 122)
            De structuur van de nering (p. 123)
              Samen en toch apart (p. 123)
      3. De chirurgie, van particuliere bezigheid tot instituut (p. 126)
          De opleiding (p. 126)
          De leerstof (p. 126)
          Jan Pelsers (p. 128)
          De theoretische bijscholing (p. 131)
          De anatomische bijscholing (p. 131)
          Het schilderij: 'De Anatomische Les' (p. 133)
          Het examen (p. 135)
            De examenproloog (p. 135)
            De examentoets (p. 137)
            De examenepiloog (p. 139)
            Kanttekeningen bij het examen (p. 139)
            De militaire chirurgijns (p. 141)
      4. De chirurgische dienstverlening in Brugge in de 17e eeuw (p. 143)
          Ik ben chirurg .. , wat nu? (p. 143)
          De chirurgijnswinkel (p. 143)
          De hospitaalchirurgijns (p. 145)
          De dienstverlening van de chirurgijns in het Gasthuis van Sint-Juliaans (p. 149)
            Ontstaan en functie (p. 149)
          Geneeskundige zorg bij geesteszieken (p. 151)
          Geneeskundige zorg bij vondelingen (p. 154)
          Was de stadsbeul een confrater van de chirurgijns? (p. 155)
      5. De gilde (broederschap) van Cosmas en Damianus (p. 157)
          Einde van het bestaan van de nering van de chirurgijns (p. 162)
          Besluit (p. 163)
    6. Vlaamse almanakken als medisch instrument in de 16e en 17e eeuwse geneeskunde in Brugge (p. 164)
        De voorboden (p. 168)
        De vormgeving (p. 169)
        De oplage (p. 170)
        De kostprijs (p. 170)
        De klanten (p. 171)
        De censuur (p. 171)
        In de marge van de almanakken (p. 172)
          De geneesheren-astrologen (p. 172)
            De medische rubriek in 'Der Scaepherders Kalengier' (p. 172)
        De glorietijd der almanakken te Brugge: Keure van 1517 (p. 175)
          Jaspar Laet (p. 175)
          Jacob Van Caestre (p. 179)
          Pieter Van Bruhese (p. 183)
          Cornelis Schuute (p. 185)
          Het breekpunt (p. 189)
            De Pennentwist Schuute-Bruhensius (p. 189)
          De strijd Rapaert-Haschaert (p. 193)
            François Rapaert (p. 193)
            Pieter Haschaert (p. 196)
          De teloorgang (p. 198)
          De prognosticaties (p. 198)
          De evolutie van de plakalmanakken (p. 201)
          Besluit (p. 205)
  1. De bloedputten in Brugge (p. 206)
      De Magdalenabloedput (p. 209)
      De Beysbrouckbloedput (p. 212)
  2. De pest in Brugge in de 17e eeuw (p. 220)
    1. De pest in Brugge in de 17e eeuw (p. 222)
        Over de definitie en de natuur van de pest in de 17e eeuw (p. 222)
        Wat leert de stadsgeschiedenis ons over de pest in Brugge in de 17e eeuw en vroeger? (p. 224)
        De pestperioden in Brugge (p. 227)
    2. Hoe bestreed de burgerlijke overheid de pest? (p. 230)
        De wereldse maatregelen (p. 230)
          De 'camer vande ghesontheyt' (p. 230)
          De hulpverleners (p. 231)
            De Roodoctor (p. 231)
            De Rode Meester (p. 231)
            De reeuwers en reeuwighen (p. 232)
            De rode vroedvrouw (p. 233)
            De schadebeletter (p. 233)
            De stedegarsoen (p. 234)
            De politiemeester (p. 234)
            De hontslagher (p. 235)
            De Cellebroeders en Cellezusters (p. 235)
            De hospitalisatiecentra (p. 237)
          De sanitaire overheidsmaatregelen (p. 237)
            De pest is in de stad - Ordonnantie 1626-1646-1666 (p. 238)
            De pest is in huis, hoe wordt de zieke verzorgd? De Advertissementten 1604-1632 en 1634-1647 (p. 242)
              Het Advertissement 1604-1632 (p. 242)
              De Instructie ende Advertissement 1634-1647 (p. 244)
              Inwendige behandeling (p. 245)
              Uitwendige behandeling (p. 247)
        De godsdienstige bijstand (p. 252)
          De gebedenboeken (p. 252)
          De pestheiligen (p. 253)
          Het pesteschilderij (p. 254)
          De rode paters (p. 256)
            De Paters Ongeschoeide Karmelieten (p. 256)
            De Paters Augustijnen (p. 258)
            De Paters Kapucijnen (p. 258)
            De verblijfplaatsen van de pestpaters (p. 259)
            Het handboek van pater P. Galle (p. 259)
    3. De pestepidemie in Brugge in 1666 (p. 262)
        De pestboeken (p. 263)
        Evolutie van de pest in de binnenstad (p. 264)
          Het aantal besmette straten (p. 264)
          Hoe dicht was de besmetting per straat in de diverse Zestendelen? (p. 265)
        Evolutie van de pestepidemie in de huizen van de binnenstad (p. 270)
        Afzonderingscentra (p. 270)
        De corte garden (p. 271)
        De Stedevijver (p. 272)
          Wie financierde de werking op de Stedevijver? (p. 274)
        Waar werden de zieken verzorgd? (p. 275)
        Evolutie van de ziekte thuis en op de Stedevijver (p. 279)
          De mortualiteit (p. 280)
        De globale mortualiteit van de pest in Brugge in 1666 (p. 283)
        De morbiditeit (p. 285)
    4. De laatste stuiptrekkingen van de pest in Brugge (p. 286)
    5. De pest is voorbij, het volk bedankt en eert zijn beschermers (p. 288)
    6. Conclusies en enkele bedenkingen als slot (p. 291)
  3. Lepra in Brugge (p. 296)
      Van opsporing tot diagnose (p. 298)
      De afzondering (p. 300)
      De afzonderingscentra (p. 301)
        De Magdalenaleprozerie (p. 301)
        De vier Sticks (p. 302)
        Het tuchthuis voor mannen of Rasphuis (p. 303)
        De hygiënische voorschriften (p. 303)
        De sanitaire paradox (p. 304)
        De morbiditeit (p. 304)
        De afzondering (p. 304)
        De overlevingsduur (p. 305)
        Het einde van de lepra in Brugge (p. 305)
  4. De gerechterlijke geneeskunde in Brugge in de 17e eeuw (p. 310)
Bibliografie (p. 316)
Literatuurlijst (p. 328)
Noten (p. 330)
Bijlagen (p. 337)
Appendix: Aantekening over de muntwaarden die in de 17e eeuw in omloop waren in Brugge (p. 348)
Lijst van de afbeeldingen (p. 349)
Fotoverantwoording (p. 351)
Colofon (p. 352)

More Info
Over de geschiedenis van Brugge is zeer veel gepubliceerd, maar aan de 17de eeuw werd relatief weinig aandacht besteed. Dr. Pannier heeft deze lacune opgevuld vanuit een medisch-historische invalshoek. Het verhaal dat hij brengt is zeer verhelderend en weerlegt veel misvattingen. Na tien jaar onderzoek in de rijke Brugse archieven brengt de auteur verrassende nieuwe inzichten over pest en lepra, chirurgen en baardmakers, rode meesters en vroedvrouwen en de rol van de almanak.
Het boek begint met een schitterend portret van Thomas Montanus, een 17de eeuwse Brugse arts met een rijke carrière die aan de stad waar hij nochtans niet geboren werd, veel diensten heeft bewezen. Toch werd geen straat of park naar hem genoemd en aan het huis waar hij jarenlang woonde werd zelfs geen gedenkplaat aangebracht. Maar de kennis van de geneeskunde in die tijd kan men niet vatten zonder de evolutie van het medische denken te beschrijven. Naast J. Demeyers Analectes medicaux is daarover zeer weinig verschenen. Daarom zijn er hoofdstukken over het Brugge van de 17de eeuw, de Brugse medici en de Brugse chirurgijnen. Ook de invloed van de Vlaamse almanakken op het medische gebeuren en de geschiedenis van de medische bloedputten in Brugge passeren de revue.
Het definitieve verhaal van de pest komt in hoofdstuk VIII. Door een gedetailleerd onderzoek van de Brugse pestboeken, die op wereldniveau unieke documenten zijn, wordt de reële evolutie van de pestepidemie in 1666 dag na dag geanalyseerd. De auteur komt tot het besluit dat in de literatuur over de pest veel onbetrouwbare en fantasierijke gegevens werden verspreid.
Daarna wordt ook nog de lepra in de tijd van Montanus onderzocht. Het verhaal eindigt met de eerste successen van een gerechtelijke geneeskunde in Brugge.
Dit boek vertelt een verhaal dat nog niet eerder is verteld maar dat van beslissend belang is geweest voor de ontwikkeling van een niet-moraliserende, wetenschappelijke geneeskunde. Een standaardwerk.
* * * * *


Go Top
Go to Home Page